Wat kunnen we leren van
Wotherspoon
Jeremy Wotherspoon
wil nog een keer deelnemen aan de olympische spelen en stopt op 36 jarige
leeftijd als trainer en gaat als ‘sporter’ aan de slag. Iedereen fronst
natuurlijk de wenkbrauwen en vraagt zich af of hij op die leeftijd nog in staat
is tot een topprestatie als sprinter. Of dat gaat lukken zullen we het komende
jaar ervaren.
Ik vond met name het
proces dat zich afspeelde heel interessant. Jeremy was trainer bij de Kia
schaatsploeg in Inzell en gaat daar nu als sporter getraind worden. Jan Bos
zijn oude concurrent gaat hem coachen. Hij stopt uit de hiërarchie en gaat op
in de groep. Hij weet dat als hij zich wil kwalificeren hij getraind zal moeten
worden. Hij gaat vol aan de slag om zijn conditie op orde te krijgen en om de
training in de praktijk tot een resultaat om te zetten. Eveneens begrijpt hij
dat zijn proces gemanaged moet worden. De manager van de ploeg en de trainer
ziet hij als succesfactoren voor het bereiken van zijn doelstellingen. Van
ondergeschiktheid bij de sporter lijkt geen sprake.
Wat gaat er in het
bedrijfsleven mis? De manager is een hiërarchische positie die ‘boven’ de
anderen staat. Trainen om medewerkers tot een top prestatie te zetten ontbreken
vaak. De verantwoordelijkheid van de medewerker om het geleerde tot resultaten
in de praktijk om te zetten wordt nagenoeg niet onderkend.
Ongetwijfeld zijn de
verschillen niet zo zwart-wit, en is de schaatsport een individuele sport waar het
bedrijfsleven vaak meer een teamsport is. Toch denk ik dat we enkele zinvolle
lessen kunnen leren.
Van Jeremy: hij heeft
een duidelijke persoonlijke doelstelling en een coach nodig om ze te bereiken.
Als hij die bereikt zal hij overladen worden met lof en zal het hem geen
windeieren leggen. De omgeving ziet hij als noodzakelijk voor zijn
doelstelling. Hij zal procesbesluiten bij de manager en de coach laten maar met
alle besluiten die van invloed zijn op zijn doelstellingen zal hij een stem
hebben.
Van de manager en de
coach: de doelstelling van de sporter is hun doelstelling. Als de sporter zijn
doelstellingen bereikt zullen de manager en de coach hun doelstellingen
bereiken en als meerdere sporters hun doelstellingen bereiken zal het teamdoel
voor de sponsor bereikt worden. Deze manager begrijpt dus volledig zijn
afhankelijkheid van de sporter en zal zijn gehele management attentie inzetten
om de doelstelling van de sporter te realiseren. Alleen dan zal hij de lof en
de financiële vergoedingen oogsten.
Van het proces: pad
uitzetten en trainen, veel trainen en meten. Trainen en trainen en dan
wedstrijden rijden om de resultaten te meten en vervolgens de wedstrijden
schaatsen om te kunnen kwalificeren. Te vaak zie ik in het bedrijfsleven dat
iedereen geacht wordt kennis en ervaring te hebben en dat die ‘automatisch’
omgezet wordt tot resultaat.
Herken je dit proces?
Er moet een offerte de deur. Hoe vaak wordt er dan niet een consultant uit het
project getrokken om ‘even’ een projectcalculatie of een offertecalculatie op
te stellen. Daarna wordt er nog even gevraagd of de betreffende consultant (die
goed is in zijn vak) een presentatie en demo kan verzorgen. Een dag (soms twee)
van te voren vraagt de sales of hij er klaar voor is. Consultant antwoord
positief en de dag erna gaan ze naar de klant. Een ding is zeker op die
manier kwalificeert Jeremy zich niet
voor de olympische spelen. Waarom zou het bedrijfsleven dan succesvol zijn in
bovenstaande sales proces.
We kunnen dus leren
dat persoonlijke doelstellingen van medewerkers moeten leiden tot de
doelstellingen van de manager. Vanzelfsprekend moeten die doelstellingen wel aansluiten
bij de doelstelling van een organisatie. De manager moet ervoor zorgen dat de
doelstellingen van de medewerkers worden gerealiseerd. Daarbij hebben
medewerkers coaches nodig om hen te begeleiden in het proces om beter te
worden. Vervolgens gaan manager, coach en medewerker plannen trainen, meten, trainen
en dan de wedstrijd aan.
Geen opmerkingen:
Een reactie posten